Wat de afkortingen betekenen
CET staat voor Central European Time, in het Nederlands Centraal-Europese tijd. Het is de standaardtijd van een lange strook landen tussen de Atlantische kust en de oostgrens van Polen: Nederland, België, Frankrijk, Duitsland, Italië, Spanje, Polen, Tsjechië, Hongarije en nog ruim tien andere lidstaten. Ten opzichte van de gecoördineerde wereldtijd UTC lopen we in deze zone één uur voor, of in technische notatie: UTC+1.
CEST staat voor Central European Summer Time — Centraal-Europese zomertijd. Het is geen aparte tijdzone, maar de zomerstand van dezelfde zone. Vanaf de laatste zondag van maart tot de laatste zondag van oktober schuiven we de klok één uur vooruit, en dan heet die tijd CEST: UTC+2. Op zondag 25 oktober 2026 om 03:00 uur lokale tijd schakelen we weer terug naar CET.
Belangrijk om te onthouden: CET en CEST verwijzen niet naar twee verschillende plekken op aarde. Ze verwijzen naar dezelfde plek op aarde, op verschillende momenten in het jaar. Wie schrijft "10:00 CEST" bedoelt dus 10:00 uur tijdens de zomertijd; wie "10:00 CET" schrijft bedoelt 10:00 uur tijdens de wintertijd. In UTC is dat respectievelijk 08:00 en 09:00 uur.